Toekomst

De tijd van het verleden is het geheugen, de tijd van het heden is de contemplatie, de tijd van de toekomst is de verwachting.

Augustinus in Belijdenissen

De Belijdenissen van kerkvader Aurelius Augustinus (354-430) zijn in verschillende opzichten een mijlpaal in de geschiedenis. Zij vormen om te beginnen de eerste autobiografie, die met soms genadeloze eerlijkheid vertelt over de eigen gedachten, gevoelens en gedragingen van de auteur. Daarnaast wordt in de Belijdenissen voor het eerst in de geschiedenis van de filosofie serieus over De Tijd nagedacht. Een van Augustinus’ beroemde uitspraken in dat verband luidt: ‘Wat is de tijd? Wanneer maar niemand het me vraagt, weet ik het; wil ik het echter uitleggen aan iemand die het vraagt, dan weet ik het niet.’ Aanleiding voor hem is de vraag waar God was voordat hij de hemel en de aarde maakte, en in het verlengde daarvan: waarom God het nodig achtte een wereld te scheppen.
Na maanden van contemplatie komt Augustinus tot de gedachte dat er alleen maar heden, tegenwoordige tijd, bestaat, maar dat de menselijke ziel daarin drie aspecten kan onderscheiden: het heden van het verleden, het heden van het heden en het heden van de toekomst. Deze aspecten corresponderen met drie vermogens van de ziel: het verleden met de herinnering, het heden met de waarneming en de toekomst met de verwachting.

Tevens verschenen op de Filosofiekalender © Veen Media

We kunnen de toekomst niet voorspellen, maar we kunnen haar wel creëren.

Jim Collins in Great by Choice (2011)

Met het citaat begint het boek dat leiderschapsgoeroe Jim Collins schreef samen met hoogleraar management Morten T. Hansen. Het lijkt alsof Nederlandse uitgevers huiverig zijn om de term ‘great/greatness’ te vertalen, want ook nu weer blijft de hoofdtitel in het Nederlands ongewijzigd. Dat was ook al het geval bij Collins’ bestseller Good to Great. En wat te denken van de uitgever van Stephen Covey’s The 8th Habit, die de ondertitel From Effectiveness to Greatness, liet vertalen als Van effectiviteit naar inspiratie.
Als het echter om de inhoud gaat, is duidelijk dat Jim Collins op zoek is gegaan naar bedrijven die ‘groots’, geweldig zijn. En dat heeft hij ook zelf groot aangepakt: alleen al de verantwoording van het onderzoek beslaat maar liefst vijftig bladzijden. Maar nu weten we dan ook ‘waarom sommige ondernemingen ondanks alles floreren’ in tijden van ‘toeval, chaos en onzekerheid’ zoals de ondertitel van Collins’ boek luidt. Niet omdat hun leiders risico’s nemen, voortdurend innoveren, snel reageren, radicaal veranderen of meer geluk hebben, maar omdat ze om te beginnen ‘fanatiek gedisciplineerd, productief paranoïde en empirisch creatief’ zijn. En omdat ze daarbij nog iets hebben wat hen werkelijk top maakt: de ambitie om iets groots te verrichten, iets wat henzelf overstijgt. En dat willen ze niet ter meerdere eer en glorie van zichzelf, maar om de wereld een beetje beter te maken.

Tevens verschenen op de Filosofiekalender © Veen Media

De Toekomst is het tijdelijke bij uitstek.

C.S. Lewis in Brieven uit de hel (1942, 1948, p. 81)

The Screwtape Letters uit 1942 is een van de bekendste boeken voor volwassenen van de Ierse schrijver C.S. Lewis (1898-1963). Het bevat 31 brieven van een van de medewerkers van de duivel (‘Onze Vader Beneden’), die een nieuwe medewerker van het diabolische bedrijf de fijne kneepjes van het bederven van zielen uitlegt. Zo legt deze ‘Schroefstrik’ (zoals hij in de Nederlandse vertaling heet) uit dat mensen weliswaar leven in de tijdelijkheid, maar dat de ‘Vijand’ (= God) de mens bestemd heeft voor de eeuwigheid. Daarom wil de Vijand dat mensen zich daarop richten, of op het heden, ‘het punt waar tijd en eeuwigheid elkaar raken’. Voor de medewerkers van de duivel is het daarom zaak mensen te verleiden in het verleden te leven, of beter nog: in de toekomst, want ‘van alle dingen lijkt de toekomst het minst op de eeuwigheid’. Alle driften van de mens gaan toch al die richting op, zodat denken aan de toekomst vele ondeugden – zoals angst, gierigheid, wellust en eerzucht – aanwakkert. Voor de mens is de toekomst onbekend en dus verliest hij zich in iets wat niet bestaat en daarmee door en door onbestendig is. Schroefstrik claimt dat de duivel ook achter alle ideologieën zit die de verwachtingen van mensen richten op de Toekomst.

Tevens verschenen op de Filosofiekalender © Veen Media