Skip to content

Gedachten

Marcus Aurelius

Indien je welgemoed en tevreden wilt leven, onderneem dan weinig.

Democritus

De Romeinse filosoof-keizer Marcus Aurelius (121-180 n.Chr.) liet een slaaf – in het Grieks – alle ideeën noteren die hem bij het leven in het algemeen en bij het regeren in het bijzonder konden steunen. Dikwijls waren dat woorden van anderen die hij zich eigen had gemaakt, zoals dit idee van de Griekse filosoof en astronoom Democritus van Abdera (ca. 460-356 v.Chr.). In dit geval wilde de keizer de gedachte wel annoteren, want hij vond dat je nog beter kunt zeggen: ‘Doe alleen wat nodig is.’ En hoe weet je wat er nodig is? Door de rede. Die vertelt een ‘rechtgeaard burger’ wat noodzakelijk is, en je hoeft dan ook alleen in actie te komen wanneer de rede daarom vraagt. Het is vervolgens dus zaak om je bij alles wat je doet af te vragen of het wel nodig is, en zelfs bij alles wat je denkt of die gedachten wel nodig zijn. Zo stemt het onze geest tevreden: ‘Mijn daden zijn gering in tal, maar wat ik doe is welgedaan.’

Tevens verschenen op de Filosofiekalender © Veen Media

Het stoïcijnse programma dat we tegemoetkomen aan onze behoeften door het elimineren van onze verlangens, is als het afhakken van onze voeten als we schoenen nodig hebben.

Jonathan Swift in Thoughts on various subjects (1711)
De meeste mensen kennen de Ierse satiricus Jonathan Swift (1667–1745) vooral van het onsterfelijke Gulliver’s Travels (1726). Hoewel het inmiddels ook tot kinderboek is bewerkt, was het oorspronkelijk een felle satirische aanklacht tegen de politieke en sociale misstanden van zijn tijd, maar ook tegen de feilen van de mensheid in het algemeen.
Al in de jaren 1696-1706 schreef Swift ook een reeks aforismen, die in 1711 werden gepubliceerd in Morphew Miscellanies (mengelwerk). De kritische uitspraak over het stoïcisme staat daarin min of meer op zichzelf. Deze filosofische stroming kwam rond 300 v.Chr. op in Griekenland, maar werd vooral populair in het Romeinse Rijk door de levensfilosofische geschriften van onder meer Seneca, Epictetus en Marcus Aurelius. Vanwege de hedendaagse opleving van de levenskunst wordt er ook tegenwoordig veel op teruggegrepen. Natuurlijk legt elke auteur andere accenten, maar in het algemeen zijn stoïcijnen erop uit het lijden te verlichten of gelukkig te worden door alle gevoelens zo veel mogelijk onder controle te krijgen en uit te schakelen. Dat gaat helaas soms ook ten koste van de gevoelens die ons dierbaar zijn.

Tevens verschenen op de Filosofiekalender © Veen Media

Wanneer je ‘s morgens vroeg met tegenzin opstaat, heb dan deze gedachte bij de hand: ik sta op om de taak van een mens te verrichten.

Marcus Aurelius in Persoonlijke notities

In 161 n.C. wordt Marcus Aurelius keizer van het Romeinse Rijk, en tot zijn dood in het jaar 180 is hij vrijwel voortdurend aan het front te vinden. Toch weet hij tijdens zijn veldtochten een boek te schrijven (in het Grieks!) met ‘dingen die je tegen jezelf zegt’ (Ta heis heauton), dat in het Nederlands in de loop der tijden is verschenen als Zelfbespiegelingen, Meditaties, Overpeinzingen en Persoonlijke notities.
De stoïsche filosoof vindt dat hij niet geschapen is om zich ‘te koesteren onder de dekens’, ook al erkent hij dat dat ‘prettiger’ is. Maar we zijn immers niet geboren om te genieten of te voelen, maar om te handelen. We zien toch ‘de planten, de mussen, de mieren … allemaal hun eigen taak verrichten en, op hun manier, meehelpen de kosmos te laten functioneren?’ Hij moet natuurlijk wel rust nemen, maar ook daaraan heeft de natuur grenzen gesteld. Zoals anderen gegrepen zijn door hun werk, de kunst, het geld of de ‘holle roem’, moet hij als keizer voor ogen houden dat het zijn taak is het algemeen welzijn te bevorderen.

Tevens verschenen op de Filosofiekalender © Veen Media
Scroll To Top