Gemeenschappelijkheid

Blijven we dromen van ontsnapping of komen we in beweging om een territorium te vinden dat wij en onze kinderen kunnen bewonen?

Bruno Latour in Waar kunnen we landen? Politieke oriëntatie in het Nieuwe Klimaatregime (2017, vert. 2018)

In Oog in oog met Gaia heeft Bruno Latour onderzocht hoe we onszelf en onze wereld op een nieuwe manier moeten begrijpen om om te gaan met het klimaatprobleem. Daarna is het, ook voor een filosoof tegenwoordig, nodig om te zeggen waar je zelf staat. In het essay Waar kunnen we landen? grijpt Latour de verkiezing van Donald Trump aan om een verband te leggen tussen drie verschijnselen, in de hoop dat dat een ‘immense politieke energie’ genereert. In de eerste plaats is de geschiedenis na de val van de Muur niet geëindigd (zoals Fukuyama meende), maar is een andere geschiedenis op gang gekomen, die van de ‘deregulering’, de eigenlijke angel in de neutralere term ‘globalisering’. In deze zelfde periode neemt de ongelijkheid tussen bevolkingsgroepen overal ter wereld toe én begint de systematische poging om de klimaatverandering te ontkennen. Latour beschouwt dit als symptomen van een en dezelfde historische situatie: ‘het is alsof een groot deel van de leidende klassen (…) tot de conclusie is gekomen dat er op aarde niet genoeg plaats meer is voor henzelf én voor alle andere mensen’. Zo staat Donald Trump volgens Latour met zijn ‘America first’ symbool voor het verdwijnen van de idee van een ‘gemeenschappelijke wereld’. Latour zelf pleit nu niet voor één superstaat om vrede en gerechtigheid te brengen, maar om keuzes van individuele mensen voor een wereld waarin ze willen leven. Hij eindigt het essay met een vurig pleidooi voor het leven in Europa.

Tevens verschenen op de Filosofiekalender © Veen Media

Hoe rechtstreekser je erop gericht bent plezier te maximaliseren en pijn te vermijden, hoe groter de kans dat je in plaats daarvan een leven schept dat van alle diepte, zin en gemeenschappelijkheid verstoken is.

Richard Ryan, Veronika Huta en Edward Deci in ‘Living Well: A Self-Determination Theory Perspective on Eudaimonia’ (2013)

Volgens utilitaristen is een handeling ethisch goed als die bijdraagt aan ‘het grootste geluk voor het grootste aantal’. Vervolgens is het natuurlijk nog wel even zaak om te bepalen wat geluk precies is. Volgens een van de grondleggers van deze stroming, Jeremy Bentham, is geluk het hebben van zo veel mogelijk plezier en het ontbreken van pijn. Als je echter empirisch gaat onderzoeken of dat ook werkelijk het geval is, kom je erachter dat mensen die voortdurend bezig zijn om het zichzelf zo gemakkelijk mogelijk te maken en stress te vermijden, vaker depressief worden, in allerlei conflicten verzeild raken en andere nare dingen meemaken. Doordat je stress probeert te vermijden, leveren steeds meer dingen stress op. Als je een beroep op anderen doet voor hulp, krijgen die er steeds minder zin in om die te verlenen, en dus kom je bij moeilijkheden steeds vaker alleen te staan. Van de weeromstuit probeer je nog harder stress te vermijden of te ontsnappen in zelfdestructief, ‘zelftroostend’ vermaak. Psychologen noemen deze ironische neerwaartse spiraal ‘stressgeneratie’.
Tevens verschenen op de Filosofiekalender © Veen Media