Skip to content

Gedachten

Bedrijfsleven

Waarom. Vraag dat altijd drie keer achter elkaar, dan zijn veel dingen in het leven opeens niet meer zo vanzelfsprekend als ze lijken.

Ricardo Semler in NUzakelijk.nl / Edo van der Goot (26 juni 2014)
Een van de waaromvragen die je je in deze tijd moet stellen, is waarom bedrijven altijd alleen maar willen groeien. Alleen kankercellen willen dat. En waarom willen bedrijven eigenlijk alleen maar steeds meer geld? Onder meer vanwege dit soort tegendraadse gedachten onderscheidt de Braziliaanse ondernemer Ricardo Semler (geb. 1959) zich van zijn ‘concullega’s’. Aan de ene kant vindt hij dat gemiddeld zeventig tot tachtig procent van alle werknemers een flexibel contract moet hebben. De vakbonden leven te veel in het verleden waarin arbeiders beschermd moesten worden tegen wilde kapitalisten.
Daar staat tegenover dat hij veel radicaler is dan vakbonden durven als het gaat om de rechtvaardige verdeling van de welvaart. Bij zijn bedrijf Semco wordt 23 procent van de winst gelijkelijk verdeeld onder alle werknemers. Semler zelf krijgt daarvan evenveel als de schoonmaker. Toen Semler op zijn 21ste CEO werd van het familiebedrijf verbaasde hij zich erover dat mensen zonder plezier naar hun werk gingen. Daarom gaf hij zijn werknemers meer verantwoordelijkheid, vrijheid en macht dan de vakbonden ooit hadden gedroomd: geen vaste werktijden, de directie werd aangesteld en beoordeeld door de werknemers, en deze mochten zelfs de hoogte van hun eigen salaris bepalen. Het werk moest alleen op tijd af zijn. Het heeft Semco en zijn werknemers geen windeieren gelegd: productiviteit en omzet groeiden sterk.

Tevens verschenen op de Filosofiekalender © Veen Media

Af en toe een filosoof een bedrijf binnenlaten is geen overbodige luxe.

Alain de Botton in ‘The case for putting philosophers into company boardrooms’ in Financial Times, 1 januari 2014

Als er iemand zijn best doet om nog een vraag te scheppen naar geesteswetenschappers dan is het de in Zwitserland geboren Engelse schrijver en filosoof Alain de Botton (geb. 1969), met titels als De troost van de filosofie, Kunst als therapie (met John Armstrong) en Hoe Proust je leven kan veranderen. Om zo veel mogelijk mensen te helpen met wijze woorden en daden stichtte hij ook The School of Life.
Maar ook de raden van bestuur van ondernemingen kunnen profiteren van de filosofie. In de kern willen bedrijven toch niets anders dan tevreden klanten, en dat is geen gemakkelijke opgave. Aan de andere kant houdt de filosofie zich al millennia bezig met de vraag wat de bestanddelen zijn van een goed leven, wat Aristoteles eudamonia noemde, een Grieks woord dat je volgens De Botton kunt vertalen als ‘bloei’ of ‘vervulling’. Waar bijvoorbeeld een doorsnee reisorganisatie zich afvraagt hoe het de marge op haar skivakanties zou kunnen verhogen, vraagt de filosoof zich af: ‘Waar in de ziel is de behoefte aan skiën geworteld?’ De filosoof zou het management kunnen helpen om dieper na te denken over manieren om het leven van de klant te verbeteren. ‘Er is (gelukkig) geen blijvende tegenstelling tussen het begrijpen van de psyche en geld verdienen.’

Tevens verschenen op de Filosofiekalender © Veen Media

Stel dat Socrates, de aartsvader van de westerse filosofie, nu geleefd had, in onze tijd. Wat zou hij dan gedaan hebben?

Jos Kessels, Socrates op de markt – Filosofie in bedrijf (1997)

Het antwoord van Jos Kessels en zijn concurrenten en collega’s in de ‘filosofische praktijken’ in Nederland luidt dat Socrates precies hetzelfde zou hebben gedaan als 2500 jaar geleden. Hij zou net als toen elke dag op de markt te vinden zijn geweest, om daar iedereen te ondervragen over hoe we moeten leven. De markt van tegenwoordig is niet meer (alleen) een plein midden in de stad, maar bevindt zich overal waar culturele, politieke en economische activiteiten plaatsvinden. En dus proberen filosofische consultants tegenwoordig een voet tussen de deur te krijgen van directiekamers van bedrijven, raadszalen van overheidsgebouwen en de vergaderzalen van onderwijs- en zorginstellingen. De plekken zijn dus anders, maar volgens Kessels doen de mensen op de markt er nog steeds goed aan om aan de hand van Socrates in gesprek te gaan. ‘Over wat waan is en werkelijkheid, over wat waarde heeft en wat niet, over wanneer iets kwaliteit heeft, wie deskundig is om dat te bepalen, welke scholing de juiste is, kortom, wat goed is in het leven en wat het goede leven is.’

Tevens verschenen op de Filosofiekalender © Veen Media

Voor een identiteit heb je moraliteit nodig.

Henk van Luijk in Integer en verantwoord in beroep en bedrijf (2000)

Volgens oud-Nijenrode-hoogleraar ethiek Van Luijk is het niet omstreden meer dat een bedrijf of organisatie om te overleven een identiteit nodig heeft. Hij voegt daar echter aan toe dat je daar ook een moraliteit voor nodig hebt: ‘om iemand te zijn moet je een moreel iemand zijn.’ Voor een individu betekent moreel handelen dat je rekening houdt met de rechten en belangen van alle betrokkenen die daar in redelijkheid aanspraak op kunnen maken. De discussie beperkt zich vervolgens tot de vraag wat ‘in redelijkheid’ inhoudt. Daar zijn verschillende antwoorden op mogelijk, bijvoorbeeld een aanspraak die herleid kan worden tot een fundamenteel mensenrecht, of een aanspraak op een respectvolle benadering. Iets dergelijks geldt ook voor ondernemingen. Zij laten dat bijvoorbeeld zien door het formuleren van een missie of ondernemingscode. Natuurlijk heeft dat weinig zin als het alleen maar gaat om een pr-truc. Op het moment dat het erop aankomt, wordt de morele identiteit van de onderneming op de proef gesteld. Het is dan goed om een helder zelfbeeld te hebben, te weten welke verantwoordelijkheden je hebt ten opzichte van wie en welke basiswaarden je hanteert. De uitwerking daarvan in richtlijnen is slechts een nadere specificatie van deze fundamentele keuzes.

Tevens verschenen op de Filosofiekalender © Veen Media

Scroll To Top